Wat blijft me bij van juli

Dat ik nog steeds achterloop met schrijven, maar dat ik ook in de tweede helft van het jaar maandoverzichtjes wil blijven maken.

Dat we de maand gestart zijn in la douce, maar dat ik daar nog alles van moet verwerken in blogpostjes. Dat ik tijdens die vakantie nog een boek van Kate Mosse las. Het was niet slecht maar ander werk van haar vond ik beter.

Dat we een heel groot deel van de maand in hittegolfmodus geleefd hebben en ik dagelijks (eigenlijk al van medio juni) om 5.15u mijn wekker zette om maximaal te kunnen luchten en afkoelen in huis. Dat we bijgevolg ook veel variaties op koude schotel aten. Het kookvocht van aardappelen, eieren of boontjes wordt zorgvuldig opgevangen ipv weggegoten voor de planten buiten. Regenwater wordt immers dag na dag schaarser.

Dat de geraniums op ons terras al aan hun tweede maand van uitbundige bloei bezig waren en op dat moment nog niet van ophouden wisten. Ook de agapanthus en de oleander waren in hun nopjes met het hoogzomerweer.

Dat we op een zomerse dag ook eens een langere fietstocht deden met ons drie en samen naar Machelen-aan-de-Leie reden en terug (zonder elektrische ondersteuning).

Dat we in de ene, iets koelere en grijzere week niet naar de Gentse Feesten gingen, maar vooral heel veel kasten grondig opgeruimd hebben. Verbazend hoe snel je toch weer spullen in huis hebt staan die je niet meer nodig hebt of die een grondige screening kunnen gebruiken. En stof dat je tegenkomt (kwamen die homemade mondmaskers uit de coronatijd toch nog eens van pas)! Voordeel is wel dat je zo weer veel beter weet wat je staan hebt en waar het staat of ligt 😉
En dat we die week dan ook eens een taartje gebakken hebben (waarvan ik het recept hier beter eens zou posten al was het maar voor mijn eigen gemak).

Dat er eentje startte met stage in de dierenkliniek in Merelbeke en dat best pittig was zo nu en dan, maar wel heel fijn (nu wordt het steeds ‘echter’). En dat wij hier nog steeds graag samen avondwandelingskes doen al was het maar omdat een mens dan al eens een kat of een hond tegenkomt en er nu uitgebreider tijd is om die beestjes aandacht te geven 😉

Dat we met goede vrienden gingen brunchen op een leuke plek in Gent en weer gezellig hebben bijgepraat.

Dat we bij andere goede vrienden een dagje op bezoek gingen in Oostduinkerke (op een zeldzame grijze zomerdag) en daar een zalig museum bezochten (waarover ik ook nog een apart postje wil schrijven).

Juli was voorbij voor ik het wist en daar stond een even warme augustusmaand aan de deur de trappelen, maar dat is voer voor een volgend maandoverzichtje (ergens in september) 🙂

Daguitstap naar Beloeil, 5000 jaar geschiedenis op enkele uren tijd

Je hoeft niet altijd ver te reizen om fijne daguitstap te beleven. In het Henegouwse Beloeil combineerden we twee totaal verschillende bezoeken: het Kasteel van Beloeil en de Archéosite van Aubechies-Beloeil.

Eerst naar het “Versailles van België”, want zo wordt het kasteeldomein in de kijker gezet. Wij hadden dus wel een zekere verwachting, de Franse kastelen, inclusief dat van Versailles, zijn ons immers niet onbekend 😉

Op zondagmorgen was lag het statige kasteel er heel rustig bij. De buitenkant is eerder sober te noemen. Ergens had ik toch wat vergulde punten aan de omheining verwacht of een krullerige toegangspoort, maar die zijn er niet. Wel water en veel bomen en groen in de directe omgeving.

We worden vriendelijk ontvangen aan het onthaal en krijgen een woordje uitleg over de te volgen route (ik zie intussen heel prominent aangeduid staan dat het absoluut verboden is om foto’s te maken). We lopen de statige trappen op om eerst de bovenverdieping te verkennen. Dit lijkt eerlijk gezegd nogal tegen te vallen. Overal zien we sporen van schade en verval: stoelen en zetels waarvan de stoffering hersteld is, hebben nog steeds een beschadigd houten frame; sommige tapijten vertonen meer dat wat gewone slijtage, ze hebben scheuren of zelfs gaten; gordijnen zijn van kleur verschoten, ramen aan het rotten, …
De benedenverdieping is gelukkig iets beter. De bibliotheek is mooi en best nog indrukwekkend, enkele andere kamers zijn rijkelijk versierd, maar zelfs daar hebben zowat alle meubelstukken nood aan restauratie. Ik begin mij stiekem af te vragen of het daarom is dat fotograferen er zo uitdrukkelijk verboden is…


Op naar de tuin dan maar? Ook hier helaas beetje het zelfde verhaal. Het potentieel is er zeker aanwezig: veel groen en vijvers, mooie zichtassen, maar dan stopt het ook wel. Aan een vijver vlakbij het kasteel is de laatste trap van de aanlegsteiger gebroken en half in het water gezakt, nergens is er bloemperk te bespeuren, behalve netjes gemaaide grasvelden valt er hier weinig te merken van degelijk parkbeheer of tuinonderhoud… We wandelen even rond en genieten van het zonnetje, maar veel valt er verder niet echt te beleven.


In het park worden wel evenementen georganiseerd, deze zomer loopt er eentje in het thema junglebook, inclusief een glamping en mogelijkheden tot catering en extra animatie. In de stilte van de voormiddag (het evenement start pas in de vooravond) zag dat er nog het leukste uit om mee te maken.


Toch een beetje pijnlijk om dit dan het Versailles van België te noemen. Het moet ooit een prachtig domein geweest zijn en het potentieel is er nog steeds, maar dan zijn er toch dringend investeringen nodig om te vermijden dat ze daar binnenkort de deuren kunnen sluiten.

Gelukkig hebben we nog een tweede bezoek op onze planning staan die dag. Sneller dan verwacht rijden we dan ook enkele kilometers verder naar de Archéosite van Aubechies (deelgemeente van Beloeil), “het grootste archeologisch reconstructiepark van België”. Hopelijk worden onze verwachtingen deze keer wel ingelost…

Doordat ons bezoek aan het kasteel korter was dan voorzien en het lokale restaurant waar we dachten te lunchen net dit weekend de deuren sloot wegens verlof, waren we eigenlijk te vroeg aan de archeosite. De openingsuren van deze plek zijn immers wat ‘verrassend’: open tijdens de week, maar gesloten op zaterdag en op zondag pas open vanaf 14u. We bleken echter geluk te hebben, want blijkbaar gingen ze die dag toch open 12u (maar dat stond eigenlijk nergens gecommuniceerd). De zeer vriendelijke onthaalbediende die ons absoluut in zijn beste Nederlands te woord wou staan, bleef maar zeggen dat we eerst online een reservatie moesten maken voor we binnen konden komen. Wij begrepen er niets van want online vonden we enkel een reservatie voor een gegidste rondleiding (die we niet gingen volgen) en verder lazen dat de toegang gratis was op de eerste zondag van de maand. Na nog maar eens alles rustig in het Nederlands te herhalen (ik denk nochtans niet dat we zo slecht Frans spraken) geraakten we dan toch binnen en waren we klaar om verder in het verleden te duiken 😉

Wat deze plek bijzonder maakt, is dat de geschiedenis er weer tot leven komt. Hier ontdek je hoe mensen leefden van het neolithicum tot de Gallo-Romeinse periode. Je wandelt niet langs vitrines, maar door nagebouwde huizen, werkplaatsen en zelfs een Romeinse villa met tuin, een begraafplaats, een oude vrachtboot… Alles werd gereconstrueerd op basis van archeologische opgravingen.

Elke bezoeker, jong en oud, kan zich hier gemakkelijk voorstellen hoe het leven er duizenden jaren geleden moet uitgezien hebben. Hoe werd brood gebakken? Hoe maakten mensen werktuigen? Waar sliepen ze? De reconstructies maken het verleden tastbaar en beter te begrijpen. Tijdens demonstraties van oude ambachten zie je hoe pottenbakkers, smeden of wevers vroeger aan het werk gingen. Wie wil, kan via QR-codes extra informatie te krijgen.

In een klein museum met vijf kamers vind je heel wat informatie en archeologische vondsten over oude culten en geloofsovertuigingen. Je leest er het verhaal over het polytheïsme – van de Keltische heiligdommen tot de Gallo-Romeinse tempels – in Noord-Gallië tot de invoering van het christendom.

Op het terrein staat een taberna waar je iets klein kan eten of iets drinken aan een tafel onder een luifel of in open lucht, eigen picknick is ook toegelaten. Er is een ook een kleine speeltuin, dicht bij de ingang en voor de kleintjes is er ook een zoekkaart om mee te nemen tijdens de verkenning van de site.

Wil je je nog meer onderdompelen in het verleden, dan moet je op 15 of 16 augustus een bezoekje brengen want dan organiseren ze daar een volledig ervaringsweekend

Slotsom: na een eerder flauwe start werd het toch een fijne dag.

Meer info:

Wat blijft me bij van juni

Het bloggen was hier even gestopt, niet omdat ik niet wist wat schrijven maar gewoon omdat het er niet van kwam. Te veel andere dingen aan mijn hoofd, te druk, te warm, technische problemen om de foto’s van mijn telefoon op mijn laptop te krijgen… Maar bij deze probeer ik toch weer op die schrijftrein te springen, al was het maar omdat het fijn is voor mezelf om te kunnen terugblikken op een aantal zaken 🙂

Juni, dat betekende examens, en dus stressy toestanden zowel voor Maya als voor mij. Combineer dat dan nog even met een vrij drukke periode op kantoor (want wij gingen vroeg op vakantie en dus moest ik sneller nog bepaalde zaken geregeld krijgen. Op het moment dat ik immers terugkwam uit verlof, waren andere collega’s net vertrokken en vaak voor langere periodes) én een hittegolf op het einde van de maand (waardoor ik mijn wekker extra vroeg zette, aka om 5.15u, om alle ramen op te gooien en maximaal koelte binnen te laten) … het werd een stevige uitdaging om de rit uit te rijden.

Examens = extra tussendoortjes en ontbijttrays voor Maya, en meerdere schema’s die opgemaakt werden.

Tijdens de examens werd er opnieuw veel ‘rond den blok’ gewandeld (de kleine of een iets grotere lus, naargelang de tijd en de goesting of de nood). Doorgaans verkoelend want gelukkig was het niet de hele examentijd heet, zelfs een paar weken helemaal niet te warm en regelmatig nog een bui. Dat zorgde al eens voor kleine gelukjes in de vorm van een regenboog of een mooie zonsondergang.

Tussendoor ging ik een dagje op stap naar Brugge, alwaar ik met enkele ’topwijfjes’ een bezoek bracht aan het nieuwe Brusk en we verder vooral heel veel rondwandelden, babbelden, iets eten en dronken en uiteraard ook wat gingen winkelen 😉

Ik ging ook naar de opening van de nieuwste tentoonstelling van goede vriend Max Van Hemel in het kleinste museum, een creatie van Tessa Kerre, (topdokter, vriendin & meter van Maya).

De afwisseling van zon en regen zorgde ervoor dat alles groeide en bloeide in de tuin, zowel bij ons als bij mijn vader.

Helaas zorgde een onweersbui met hevige valwind ervoor dat de notelaar in de tuin van mijn vader ontworteld werd en de lathyrus af de houten draagconstructie gerukt werd (ook de serres liepen lichte schade op). De notelaar viel helaas niet meer te redden, tot groot verdriet van velen.

Daarna stopte het quasi met regenen en trok de hittegolf zich op gang…,
Gelukkig had Maya nog relatief vroeg gedaan met de examens en hoefde ze op de heetste dagen niet meer te zwoegen en zweten in beide betekenissen. Er was tijd voor een uitstapje naar Oostende alvorens we een week op vakantie zouden vertrekken (maar dat is voer voor latere blogposts).

Floraliën 2026

Ik keek best wel naar uit de Floraliën. Al van kindsbeen af ga ik immers naar de vierjaarlijkse bloemenshow in Gent en ik denk niet dat ik veel edities gemist heb. Dit jaar ging ik samen met mijn vader, mijn nieuwjaarscadeautje voor hem 🙂

Ik koos voor een bezoekje halfweg het festival, voorbij de drukte van de eerste dagen en voordat de bloemen misschien al een beetje zouden beginnen tanen. Ik boekte tickets voor het eerste tijdsblok ’s ochtends, tussen 8u en 9u, in de veronderstelling dat het dan wel vrij rustig zou zijn (en dat bleek nog een paar euro goedkoper ook).

Na de drukte van het eerste weekend bleek het die woensdagochtend superrustig (zo kalm hadden ze het nog niet gehad hoorde ik toevallig een van de toezichters zeggen). Heerlijk om op die manier door de beurs te wandelen, het voelde bijna als een privébezoek. Ik kon er ook zonder problemen foto’s maken, er liep nauwelijks iemand in beeld en ik stond ook niet in de weg van andere bezoekers 😉

De inkleding van het Kuipke kon ik waarderen als idee, maar de uitwerking sprak me op zich minder aan. Voor een deel van het publiek zal dit misschien toch iets te bevreemdend geweest zijn?

We genoten samen van de bloemenpracht, van de klassieke azalea’s en rododendrons over de gigantische bloemstukken en verrassende composities. Ik maakte best veel foto’s en probeer me hier tot een (ruime) selectie te beperken 😉

We liepen ook nog even naar het provinciehuis, al had ik daar precies toch iets meer verwacht. In de gespreksruimtes stonden enkele ikebana werkstukken en in de open ruimte ernaast een aantal stevige azalea’s.

Op de nevententoonstellingen in Libertas en de Gentse musea ben ik helaas niet meer geraakt. Maar misschien lukt het bij een volgende editie wel weer. Ik kijk er alvast naar uit 😉

Wat blijft me bij van mei

Het weer: ‘nogal’ wisselend qua temperatuur mag je wel zeggen.

Het verlengde weekend van Hemelvaart was het precies herfst, koud (amper 15 graden en nat), ik haalde zelfs terug een dikkere jas uit de kast. Het verlengde weekend van Pinksteren stoomden we vlot naar 30 graden een meer, zowat het dubbele dus op amper een week tijd. Het was puffen en blazen, vooral voor de studenten en zij die hard moesten werken buiten. Ik kan dat wel hebben zo’n weer, maar het baart toch zorgen. Zo warm (heet), zo vroeg op het jaar, wat gaat dat nog geven voor de rest van de zomer? Maaltijden en tussendoortjes wisselden in harmonie met het weer ;p

De tuin: veel werk, alles groeit en bloeit.

Vooral in de tuin van mijn vader is het alle hens aan dek. Zaaien, verspenen, uitplanten, water geven, slakken spotten (en weghalen voor ze de jonge planten helemaal opeten), mulchen, de serre met oude glasgordijnen afschermen tegen de grootste hitte, en ook al een beetje oogsten (aardbeien).

Bij ons probeer ik het werk beperkt te houden al staan er intussen op ons terras toch ook al heel wat potten met bloemen, planten en kruiden. Ook de voortuin doet het best goed, voorlopig behoorlijk wat bloemen en een aantal planten lijken zich vrij goed te handhaven in de moeilijke grond.

Floraliën: op stap met mijn vader

We deden dit al als kind, samen naar de Floraliën en ik denk niet dat ik al veel edities gemist heb in mijn leven. Deze keer trakteerde ik mijn vader op een gezamenlijk bezoekje. We gingen ’s morgens vroeg, tijdens de week en het was heerlijk rustig. Een uitgebreider verslag volgt gauw.

Gelezen: een boek dat bleef hangen

Ik lees (te) weinig, maar wanneer het kan dan geniet ik wel van een boek op ons terras in het zonnetje. ik koop niet zoveel boeken, maar laat me graag verrassen door de vrij goede boekenruilkast in onze buurt. De voorbije maand kocht ik echter het boek Onderweg van Evelyn Vancauwenberghe. Het leest als een trein en toch moest ik het in stukjes lezen, omdat het me raakte, omdat het soms zaken beschreef die ik ook voelde maar die zij zoveel beter kan uitleggen, omdat het bepaalde keuzes die ik de voorbije jaren maakte plots een duidelijker plek geeft. Een boek dat bepaalde gesprekken mogelijk maakt die je voorheen niet zou aangaan.

Blok (en examens): het is weer zover

Die winterexamens leken als het ware gisteren nog en plots was ook dat tweede semester alweer voorbij. Paasvakantie (of paasreces zoals ze dat tegenwoordig aan UGent noemen) staat gelijk aan studeren in functie van de examens, ook al volgen er dan nog enkele weken les. Want tussen de laatste lesweek en de examenweek zit immers slechts één week. En in de laatste lesweek, die dit jaar extra kort was wegens Hemelvaart, zaten ook een een groepswerk dat gepresenteerd en verdedigd moest worden en een praktijkexamen. Gedurende vier weken volgen nog vijf stevige examens. En dus zitten we terug in de routine van studeren en mental/moral support met extra tussendoortjes en wandelingetjes om even de benen te strekken. Samen sterk tot eind juni!

Wat blijft me bij van april

De maanden gaan sneller voorbij dan ik mijn stukjes kan schrijven (of ik word trager, dat kan ook; en een technisch probleem met de toegankelijkheid van mijn foto’s hielp ook niet echt). Wat bleef me bij van de vierde maand van het jaar 2026:

Pasen uiteraard, met obligate paasontbijtjes. Op het werk deden de vriendenkringen weer erg hun best en toevallig kon ik 2x op de ‘juiste’ vestiging aanwezig zijn om mee te genieten :p

De lentebloemen in de tuin en de bloesems in de straat met uiteraard de Japanse kerselaars en de blauwe regen als top of the bill. Bij ons alles eerder beperkt, bij mijn vader veel meer weelde.

Er werd ook al heel wat gezaaid en uitgeplant in de serre, en beetje bij beetje in de tuin.

De mooie dagen zorgen voor andere maaltijden, denk koude schotels en croques met slaatjes

Teambuilding met de communicatiecollega’s, dat is wandelen in werkgerelateerde omgeving en foto’s maken om onze beeldenbank te vullen, maar uiteraard ook genieten en bijpraten.

Tuinwerk – we zijn weer vertrokken

Nu het voorjaar terug meer warmte en zonlicht brengt, komt ook het leven en de activiteit in de tuin terug op gang …. en dus ook het tuinwerk.

Bij ons is het werk eerder beperkt, al werd er toch al duchtig gesnoeid in de gemengde (en lichtjes verwilderde) haag met de buren en vielen er ook best veel takken te rapen die de voorbije maanden uit de bomen gewaaid waren. Nu nog een moment vinden om de takken te hakselen en te hergebruiken als bodembedekker.

Het gazon (what’s in a name, meer ander groen dan gras 😉 ) kreeg een eerste, gedeeltelijke maaibeurt. De vroege warmte had het gras op sommige stukken al net iets te hard laten doorgroeien. De paarse dovenetel deed aan een stevige territoriumuitbreiding in het gazon lieten we staan, de bloemetjes zorgen voor een kleurrijk tapijt en extra voedsel voor de hommels (en andere insecten). Intussen verschijnt er ook volop geel van de paardenbloemen.

Ons terras kreeg een poetsbeurt en ik maakte van de gelegenheid gebruik om orde te scheppen in de voorraad plantenpotjes. Een deel ervan zal richting containerpark of tuincentrum gaan voor gerichte inzameling en hergebruik. De andere mogen blijven om gevuld te worden met zaailingen allerhande en krijgen een plekje op het terras of zullen worden uitgedeeld.

Bij mijn vader lag er al heel wat meer werk te wachten. In de serres werden al heel wat zomerbloemetjes gezaaid (grotendeels met zaad dat we vorige zomer zelf in de tuin geoogst hebben en ook nog wat extra’s uit de zadenruildoos). Het witloof in de serre werd geoogst, de grond deels vernieuwd (o.a. met bladcompost van eigen makelij) en klaargelegd om tomaten te planten. Ook de potten met aardbeien werden opgehangen aan de haakjes.

De eerder opgekweekte erwtenplantjes verhuisden van de serre naar de volle grond. Nu maar hopen dat ze goed groeien en er een mooie oogst volgt.

Ook de nieuw opgekweekte aardbeienplantjes, ruim 200 stuks, verhuisden van potjes in de serre naar de volle grond buiten. Hiervoor werd een nieuw stukje moestuin geprepareerd met verse bedden en een omheining die later nog een overkapping met een net krijgt zodra de vruchten verschijnen. Op die manier vermijden we dat de vele vogels met al het lekkers zouden gaan lopen. Voor het oogsten wordt het net dan een stukje los gemaakt, aan de zijkanten werken we met kippengaas dat tegen de houten latjes geschoten is. Even Bob de bouwer spelen 😉

Tussen alle bedden komt er een laagje karton en een laag mulch om de grond vochtig te houden en het onkruid zoveel mogelijk tegen te houden. Veel werk maar het loont wel (al komen we soms wel wat mulchmateriaal te kort).

Werden ook al geplant/gezaaid, rechtstreeks in volle grond: aardappelen, wortelen, sjalot, uit en radijs. De slaplantjes gingen deze keer niet in volle grond, maar kregen een plekje in enkele bloembakken in de hoogte om zo – hopelijk – de slakken weg te houden.

Wat blijft me bij van maart

Maart kende heerlijk warme dagen, waarop de ovenschotels plaats maakten voor de eerste slaatjes, maar evengoed nog koude momenten. En het venijn zat in de staart, met enkele maartse buien. Bepaalde tradities worden toch nog in ere gehouden 😉

Bloesemtijd, een beetje vroeger doordat het al vaker mooi en vooral warmer was. Voor mij de mooiste tijd van het jaar (er zijn er nog maar deze is toch mijn favoriet) omdat in dit seizoen ook een deel van de bomen en struiken voor een bloemenkleedje kiezen 🙂

Het tuinleven herbegint en dus ook het werk in de tuin, zowel in Zomergem als in Gent (maar vooral bij mijn vader in Zomergem, ik schrijf er nog wel een apart postje over).

We hebben nieuwe stoelen gekocht bij de Zweden en zijn tevreden van het resultaat. Het was een uitdaging om ons gedacht te vinden (zonder ons een breuk te moeten betalen voor 8 stuks).

We vonden eindelijk eens een voorstelling waar we thuis allemaal zin in hadden en die dan ook nog eens bleek te passen in de agenda. Wouter (Deprez) moet meer orde hebben deed ons glimlachen en bijwijlen schaterlachen, het was voor herhaling vatbaar (zei Maya, ondanks een klein paniekske toen ze merkte dat we op de derde rij zaten).

Intussen is april al uit de startblokken geschoten, het jaar lijkt weer voorbij te vliegen.

Wat blijft me bij van februari?

De weken vliegen voorbij, de tweede maand van het jaar maakte intussen plaats voor de derde. Wat bleef me bij van de kortste maand van het jaar?

Eerst en vooral: de lesvrije week (dit jaar anderhalve week omdat het laatste examen eens wat vroeger viel). We sloten de wel heel intense examentijd af met veel rust en lichte ontspanning: met een uitstapje naar Oostende, een bezoek aan de kapper (waarbij Maya al voor de vijfde keer een donatie deed voor Think Pink) en examenresultaten die beter uitdraaiden dan verwacht.

In februari verschenen ook de eerste lentebloemen in onze tuin: krokussen en narcissen. Het kriebeltje teveel en ik vulde ook al een bloembak met o.a. primula en kleine viooltjes omdat ik extra kleur wou op ons terras.

Qua weer kregen sneeuw: een stevig laagje op zondag, halfweg de maand, dat gelukkig weer weg was op maandag zodat we veilig naar het werk/ de campus konden. Tegelijk hadden we ook de warmste 25 februari ooit sinds de metingen. Het zonnetje voelt heerlijk, maar tegelijk is het ook wel verontrustend om nu al dergelijk hoge temperaturen te hebben. Wat gaat dat geven verder op het jaar?

In de week van de krokusvakantie moest ik het nog eens uitleggen voor het VRT-journaal (en eerder die week ook al voor Radio2 Oost-Vlaanderen). Ik ben toen de hele week vooral veel bezig geweest als vervangend woordvoerder op het werk.

Thuis werden er pannenkoeken gebakken (a ja, dat hoort bij februari, toch?) en kreeg ik tulpjes (nog meer lentebloemen, nu ook in huis) 🙂

Februari is doorgaans ook de periode van plannings- en evaluatiegesprekken. Ik doe die met mijn team doorgaans buiten, al wandelend. De manier van werken was een noodzaak tijdens corona en ik ben dat gewoon blijven doen (allez, ik stel het voor en iedereen mag kiezen hoe we het gesprek doen: binnen, op kantoor of buiten, al wandelend, met uiteraard een schriftelijk voorbereiding en eventueel nog een korte nabespreking indien nodig).

En toen zaten we al in maart, de laatste maand van het eerste kwartaal.