Categorie archieven: tuin

Tuinwerk – we zijn weer vertrokken

Nu het voorjaar terug meer warmte en zonlicht brengt, komt ook het leven en de activiteit in de tuin terug op gang …. en dus ook het tuinwerk.

Bij ons is het werk eerder beperkt, al werd er toch al duchtig gesnoeid in de gemengde (en lichtjes verwilderde) haag met de buren en vielen er ook best veel takken te rapen die de voorbije maanden uit de bomen gewaaid waren. Nu nog een moment vinden om de takken te hakselen en te hergebruiken als bodembedekker.

Het gazon (what’s in a name, meer ander groen dan gras 😉 ) kreeg een eerste, gedeeltelijke maaibeurt. De vroege warmte had het gras op sommige stukken al net iets te hard laten doorgroeien. De paarse dovenetel deed aan een stevige territoriumuitbreiding in het gazon lieten we staan, de bloemetjes zorgen voor een kleurrijk tapijt en extra voedsel voor de hommels (en andere insecten). Intussen verschijnt er ook volop geel van de paardenbloemen.

Ons terras kreeg een poetsbeurt en ik maakte van de gelegenheid gebruik om orde te scheppen in de voorraad plantenpotjes. Een deel ervan zal richting containerpark of tuincentrum gaan voor gerichte inzameling en hergebruik. De andere mogen blijven om gevuld te worden met zaailingen allerhande en krijgen een plekje op het terras of zullen worden uitgedeeld.

Bij mijn vader lag er al heel wat meer werk te wachten. In de serres werden al heel wat zomerbloemetjes gezaaid (grotendeels met zaad dat we vorige zomer zelf in de tuin geoogst hebben en ook nog wat extra’s uit de zadenruildoos). Het witloof in de serre werd geoogst, de grond deels vernieuwd (o.a. met bladcompost van eigen makelij) en klaargelegd om tomaten te planten. Ook de potten met aardbeien werden opgehangen aan de haakjes.

De eerder opgekweekte erwtenplantjes verhuisden van de serre naar de volle grond. Nu maar hopen dat ze goed groeien en er een mooie oogst volgt.

Ook de nieuw opgekweekte aardbeienplantjes, ruim 200 stuks, verhuisden van potjes in de serre naar de volle grond buiten. Hiervoor werd een nieuw stukje moestuin geprepareerd met verse bedden en een omheining die later nog een overkapping met een net krijgt zodra de vruchten verschijnen. Op die manier vermijden we dat de vele vogels met al het lekkers zouden gaan lopen. Voor het oogsten wordt het net dan een stukje los gemaakt, aan de zijkanten werken we met kippengaas dat tegen de houten latjes geschoten is. Even Bob de bouwer spelen 😉

Tussen alle bedden komt er een laagje karton en een laag mulch om de grond vochtig te houden en het onkruid zoveel mogelijk tegen te houden. Veel werk maar het loont wel (al komen we soms wel wat mulchmateriaal te kort).

Werden ook al geplant/gezaaid, rechtstreeks in volle grond: aardappelen, wortelen, sjalot, uit en radijs. De slaplantjes gingen deze keer niet in volle grond, maar kregen een plekje in enkele bloembakken in de hoogte om zo – hopelijk – de slakken weg te houden.

De tuin in het voorjaar

Na de vele natte maanden werd het voorjaar droog (intussen eigenlijk al te droog), maar net door die natte maanden leek de natuur wel haar tweede adem gevonden te hebben en zag alles er dit jaar precies extra fris en groen uit.
Ook in de bloemen- en moestuin bij mijn vader groeit alles voorspoedig en werd het tuinjaar alvast met veel enthousiasme ingezet. Het opruim- en voorbereidende werk kon vroeg starten en de vele uren zonneschijn zorgden ervoor dat zowel buiten als in de serre alles goed opkwam.

De lente vind ik sowieso heerlijk omdat je naast het frisse groen de lentebollen hebt die kleur brengen en ook de vele bloesems (zie ook mijn eerdere post hierover) die voor dat tikkeltje meer zorgen. De wisteria staat weer ongelooflijk mooi en weelderig te bloeien naast de rest dat al kleur toont (bloembollen, azalea’s, rododendrons, vergeet-me-nietjes, akeleien, ….) of volop in de was is (nigella’s, vingerhoedskruid, duizendschoon, …. ).

In de serres doen de aardbeien en tomatenplanten al goed hun best en zal het niet lang meer duren voor we de eerste vruchten (aardbeien dan, voor de tomaten moeten we nog wel even wachten) zullen kunnen plukken. Ook sla kan er al volop geoogst worden.

Heel wat trays ook met zaailingen, vooral zomerbloemen (ganzania, zinnia, cosmea, zonnebloem, ijsbloem, leeuwenbek, tagetes, kattensnorren, lupines, ….) waarvan de meeste eerst in bakjes worden gezaaid en vervolgens verspeend naar individuele potjes om verder door te groeien tot ze groot genoeg zijn om in de tuin uitgeplant te worden.

De (reuk)erwtjes werden al uitgeplant in de tuin, net als de meeste pompoenplantjes (klassieke grote pompoen, butternut, grijze en groene soorten). De eerste wortelen en radijzen werden meteen buiten in volle grond gezaaid, de radijsjes zijn intussen trouwens al goed om geoogst en gegeten te worden. De aardappelen die gepoot werden, komen intussen allemaal mooi piepen. Ook de rabarberplant groeide al stevig uit, binnenkort kunnen we daarvan zeker een aantal stengels oogsten.

Het aardbeienveld en de bessenstruiken (frambozen, braambessen, kruisbessen en aalbessen) krijgen een overkapping met een net zodat de vogels niet met het vele lekkers gaan vliegen, maar we het zelf kunnen oogsten en opeten.
Voor de bessenstruiken werden intussen ook de eerste zonnebloemen uitgeplant (dat werd ook dringend tijd want de plantjes werden wel heel groot in hun kleine potjes). Een stokje langs elke stengel en een touwtje langs beide zijden van de planten moeten ervoor zorgen dat de bloemen mooi rechtop blijven. Op de bodem kwam een laagje gedroogde en verhakselde heermoes. Op die manier recupereren we een deel van de voeding die deze planten uit de diepere bodemlagen van de tuin haalden en zorgt het er ook een beetje voor dat de grond net iets minder heet wordt in de felle zon. Dagelijks water geven, zal wel even nodig zijn want de grond was daar al helemaal zanderig geworden (aan de andere kant van het braakliggende stuk, waar er al maanden een laag mulch ligt en de bodem een deel van de dag kan genieten van wat schaduw, viel die droogte nog heel goed mee; nog een extra reden om er maximaal voor te zorgen dat de grond zo weinig mogelijk ‘bloot’ ligt).

Het weer van de komende weken en vooral het al dan niet uitblijven van regen zal sterk bepalen hoe de tuin en de opbrengst verder zal evolueren. De planten in de serre krijgen water, maar de rest moet het vooral doen met wat er uit de lucht komt gevallen en dat is momenteel schrikbarend weinig (om niet te zeggen, niets).

De tuin in mei

De voorbije maand was er eentje van veel gesakker in menig tuin. De vele regen en de daaropvolgende slakkeninvasie zorgde voor overmatige vernieling en heel wat zaailingen overleefden het helaas niet.

Het zorgde voor:

uitplantangst, toch liever zaailingen in een grotere pot zetten en nog wat in de serre laten staan of in een hoge bak te zetten ipv uit te planten in volle grond

voor ettelijke slakkencontroles en honderden beesten die weggeplukt werden in de (vaak ijdele) hoop om de jonge plantjes toch groeikansen te geven

zaaien en herzaaien, planten en heraanplanten en op de duur geen courage meer hebben om nog maar eens opnieuw te beginnen; de moestuinoogst bij mijn vader mager zijn dit jaar, maar daar is helaas niet veel aan te doen. Ik besloot dit jaar dan maar eens te experimenteren met een courgetteplant in een grote pot op ons terras. Benieuwd of dat gaat lukken, het plantje is toch al mooi aan het groeien, nu nog de bloemen en de bestuiving.

Bij de tomaten valt het helaas ook wat tegen; tot nu toe beduidend minder bloemen op de planten, maar hopelijk brengt het zonnetje daar nog verandering in. De buitenplanten werden helaas ook deels afgegeten door de slakken, als de blaadjes nog jong en zacht zijn dan lusten ze die duidelijk ook ondanks berichten dat slakken geen tomaten eten (idem voor munt trouwens, ik spreek uit ondervinding, al heeft die intussen wel zijn tweede adem gevonden en is nu goed aan het groeien).

De lavendel heeft in onze tuin helaas ook afgezien van de natte winter en het natte voorjaar. Verschillende planten overleefden het niet, gelukkig zijn er nog steeds spontane zaailingen (die ik nu liefst zo lang mogelijk en meteen in volle grond laat groeien want dat lijkt beter te lukken dan ze over te planten in potjes). Het zal nog wel een tijdje duren eer we terug grotere struiken hebben, maar de spontane zaailingen zijn sowieso sterker en beter aangepast aan onze bodem dan de planten die ik vorig jaar bijkocht. Geduld is een schone deugd, zegt het spreekwoord en ik heb al lang geleerd dat je in onze tuin niet te veel moet forceren, maar vooral afwachten en zien wat er wel of niet aanslaat.

 

Gelukkig waren en zijn er ook nog mooie tuinmomenten, en staat alles door de vele regen een pak groener en weelderiger dan de voorbije jaren.

Onze voortuin zag er eigenlijk nog nooit zo kleurrijk uit, en er is sowieso nog meer kleur op komst met o.a. cosmea, sedum, slaapmutsjes, …

Ik zaaide nog wat zomerbloemen in bloembakken (goudsbloem, zonnebloemen en dropplant/agastache), het uitplanten moet binnenkort nog eens gebeuren (maar ik laat de plantjes liever voldoende groot worden voor ik ze in de volle grond zet). Benieuwd hoe de dropplant het zal doen en ook hoe de echinacea dit jaar zal evolueren. Ik had vorig jaar verschillende zaailingen, maar geen enkele kwam tot bloei. Hopelijk dit jaar meer resultaat.

De aardbeienplanten staan groener en voller dan vorige jaren en dragen heel wat vruchten. Gelukkig is het intussen wat droger, want door de vele regen zagen ze ook wel af en hingen ze soms al te rotten aan de struik (of opgegeten door de slakken, dat ook, voor de verandering). Dus worden de rode vruchten snel opgegeten en verwerkt in diverse gerechtjes en dus serveerde ik pancakes met aardbeien en verse aardbeiencoulis, smoothies met banaan en aardbei, aardbeien als extraatje in een slaatje bij de veldsla en de tomaatjes, …

Ook de aardbeienplantjes in onze tuin (in 2 potten) gaven een mooie (zij het beperkte) oogst, net als de frambozenstruiken. De bessen geraken vaak amper tot in huis, maar verdwijnen met veel plezier meteen in onze mond 😉
Op rode besjes uit eigen tuin zullen we nog maar eens een jaartje moeten wachten, de struiken zijn mooi gegroeid, maar opnieuw geen bloemen en dus ook geen vruchtjes.

Toch maar hopen dat juni een iets fijnere tuinmaand wordt, waarin we meer succesjes dan mislukkingen mogen tellen. x

Vogeltelweekend 2024

Het voorbije weekend werden we opnieuw langs alle kanten aangemoedigd om vogels te tellen in onze tuin. Voldoende reden om het nog eens over onze gevleugelde vriendjes te hebben.

Het vogelvoederbakje/huisje dat ik vorig jaar maakte van een leeg drankkistje, heeft het winterweer helaas niet overleefd, de vetbollenhouder is vorige maand verdwenen (wellicht meegenomen door de kauwen vrees ik), de aanvoer van verse noten voor het andere voederbakje is eerder beperkt, …. om maar te zeggen dat de vogeltjes hier helaas minder verwend worden dan vorige winter. Maar ik blijf wel de appelschillen en kaaskorstjes in kleine stukjes snijden en uitstrooien en ik vulde nog een halve kokosnoot met vet en noten toen het dan toch plots kouder werd en er hangen nog wel nootjes dus het is niet dat ze geen eten meer krijgen, dat zou ik niet over mijn hart krijgen. Ook de uitgebloeide zonnebloemen bleven zo lang mogelijk staan, zodat de meesjes vrij konden snoepen zonder dat de andere vogels met dit gesmaakte voer gingen lopen.

Onze vaste gasten zijn er nog steeds: de pimpelmeesjes en de koolmeesjes, een heggemus, een roodborstje (soms twee), enkele merels, … en uiteraard ook een rits houtduiven, een troep kauwen en een aantal eksters (al zijn die laatste deze winter precies met minder).

En dan mag ik onze bijzondere gast, de groene specht (of beter, het zijn er meestal twee), niet vergeten. Ons grasveld is een half slagveld door de vele putten (toch enkel cm diameter) die ze in de grond hakken, maar dat vind ik helemaal niet erg, met het bodemleven is duidelijk alles in orde denk ik dan 😉

De bonte specht zagen we minder vaak deze winter, ik vrees dat er wat te weinig aanbod van voeder is. En de voorbije weken kwamen ook de staartmeesjes terug op bezoek, altijd weer heerlijk om dit schatjes te zien, hoe ze soms met vier of vijf tegelijk aan het notenbakje hangen om te eten. De schattigaards moeten aan de notenbak vaak snel plaats ruimen voor de pimpelmeesjes, die op hun beurt dan weer moeten ophoepelen voor de koolmezen. Het blijft wel nog altijd even leuk om ze zo bezig te zien in de hazelaar.

Ook het winterkoninkje spotte ik al, maar verder bleef het (helaas) eerder rustig in de tuin wat gevederde gasten betreft. In elk geval zaai ik dit jaar terug een hele reeks zonnebloemen en wil ik toch nog werk maken van extra struiken in de tuin die bessen dragen. Hoe meer schuil- en voerderplekken voor de tuinvogels, hoe beter, toch?

En deze leukerd, weliswaar geen tuinvogel, die we in het najaar in onze tuin zagen rondhuppen, zien we ook graag nog eens terugkomen.

>> naar mijn verslag van vorig jaar.

Villandry – de tuinen

Wie Villandry kent, denkt meteen aan de tuinen. Ze zijn dan ook wereldberoemd. Jaren geleden had ik ze al eens gezien en ik wilde zeker nog eens terug, vooral nu ik zelf ook meer in de tuin werk en ik een mooi aangelegde tuin nog meer kan waarderen 😉

Het was dan ook logisch dat een bezoekje aan Villandry op ons lijstje zou komen bij een van onze stops in de Loirestreek. Omdat de tuinen heel populair zijn, wilde ik minstens proberen om ze op het meest rustige moment te bezoeken. De site bleek al open vanaf 9u en dus besloten wij op tijd te vertrekken om voor de grootste drukte in de tuinen te kunnen rondlopen (en dan aansluitend het kasteel te bezoeken). Dat bleek een goed plan: toen we aan de parking kwamen, was het er nog erg rustig voor een zomerse vakantiedag. We kochten een ticket en gingen dus eerst naar de tuinen die we als het ware bijna voor ons alleeen hadden (toch zeker het eerste uur, daarna kwamen er wel meer bezoekers bij, maar dat viel allemaal nog heel goed mee). Ideaal dus om foto’s te maken van dichterbij, vanuit het kasteel kreeg ik nog volop de mogelijkheid om de tuinen meer vanuit de hoogte in beeld te brengen.

Villandry was het laatste van de grote renaissancekastelen dat aan de oevers van de Loire werd gebouwd en de architectuur combineert met tuinen op drie niveaus, met aandacht voor schoonheid, diversiteit en harmonie.

De decoratieve moestuin heeft een overvloed aan kleurrijke bloemen en groenten die in een schaakbordplan zijn geplant. Het effect van de seizoensgebonden variaties is een steeds veranderend beeld.

In de siertuin vormen de buxushagen o.a. muzikale symbolen, maar je ziet er vooral heel duidelijk de hartjes, rollen, vlinders, waaiers… allemaal allegorieĂ«n van de liefde.

De watertuin is de meest rustige: hier staat het water (uiteraard) centraal, het geluid van de fonteinen en de grote grasvelden moeten zorgen voor een gevoel van rust en kalmte bij de bezoeker.

De zonnetuin is dan weer erg vrolijk. Vaste planten, rozenstruiken, heesters, geel-oranje en blauw gekleurde grassen bloeien hier allemaal van april tot oktober. Deze tuin ligt op het hoogste terras van het kasteel en is ook de jongste tuin. Van 1908 tot 1918 herstelde Joachim Carvallo de renaissancetuinen van het kasteel van Villandry, ter vervanging van het 19e-eeuwse park in Engelse stijl. Voor dit terras had hij een basisplan ontworpen. In het kader van de honderdste verjaardag van de heraanleg van de renaissancetuinen wilde Henri Carvallo, de huidige eigenaar, deze tuin creëren, geïnspireerd op het ontwerp van zijn overgrootvader Joachim.

In de kruidentuin groeien heel wat geneeskrachtige en culinaire planten. Er is ook een labyrint met prieeltjes, waar groot en klein al graag eens verstoppertje spelen 😉

Nog meer uitleg, foto’s en filmpjes over de opbouw van de verschillende tuinen lees je op: chateauvillandry.fr

En nog een klein filmpje van mijn kant

 

Bezigheden

Nog eens een rondje met dingen waarmee ik mij zoal bezig hield de laatste tijd.

Gewandeld

We geraakten nog eens in het mooie Oostende en deden met ons twee de Crystal Shipwandeling in de Belle Epoque wijk. Veel mooie dingen gezien, zowel van street art als van huizen en leuke plekjes gevonden om iets te eten en te drinken. Deze stad aan zee maakt me elke keer weer blij 🙂

OpGeruimd

Nu Maya het humaniora heeft afgesloten werd er iets grondiger opgeruimd in haar kamer. Geen opdeling meer tussen uniform en geen uniform, maar alles netjes herschikt. Een deel van de voormalige uniformstukken bleven behouden omdat ze die nog graag draagt, maar zullen nu gecombineerd kunnen worden met andere kleuren waardoor er meteen een reeks nieuwe mogelijkheden ontstaan bij het samenstellen van outfits 🙂
Haar cursussen werden opgeruimd, de boeken gescreend en terwijl we toch bezig waren, nam ik ook onze boekenkast eens onder handen. De uitgebreide collectie woordenboeken werd deels gereduceerd en ook enkele andere boeken verhuisden naar de boekenruilkasten in de buurt. De vrije ruimte werd intussen al weer deels opgevuld door nieuwe exemplaren 😉

Gekookt 

eenvoudige gerechten, zoals simpele pastagerechtjes en bordjes met restjes- en snelverkoop-eten.

Ook niet echt koken, maar misschien eerder Gemaakt om opgegeten en gedronken te worden 😉 Voor het jaarlijkse familiefeest in augustus maakte ik traditiegetrouw een kom kruisbessencrùme en experimenteerde met bessenlimonade van kweepeer en limoen.

Gebakken

vooral Maya dan: een fruittaartrecept uitgetest (niet slecht maar wellicht eenmalig) en traktatiekaartjes (ook met fruit) voor een jarige vriendin.

Gelezen

Enkele exemplaren Young adult literatuur, het was eens iets anders, ideaal voor een zomerse dag.

Getuinierd

bij onze vader (uiteraard, want daar is sowieso altijd werk) en thuis, zowel in de bloemen- als in de groentetuin. Uiteraard ook oogsten en bij ons ook wat nieuwe planten in de voortuin gezet.

Gekeken

Tijdens het wandelen (in Oostende en daarbuiten) en tijdens het tuinieren, altijd wel iets te zien. Verrassingen deze keer waren het zwart weeskind en de grote rups van de pijlstaartvlinder.

Waar ik zoal mee bezig was

Nog eens een rijtje bezigheden van de laatste tijd. Veel blogs schrijven was daar niet bij (al probeer ik hier toch nog steeds actief te blijven, zij het op een lager pitje).

Gelezen

In de zomer lees ik doorgaans iets meer, vooral omdat ik het heerlijk vind om dat buiten in het zonnetje te doen.
In onze ruilbibliotheek vond ik een boek over Carcassonne. Het verloren labyrint bleek echt een topboek van Kate Mosse. Spannend, historisch, speelt zich af in het verleden en het heden. Een aanrader!

Tijdens onze buitenlandvakantie las ik aan het zwembad nog een Nicci French (Geheugenspel). Bleek dat ik die dus al gelezen had in het Engels, maar bij deze las ik nog eens de Nederlandstalige versie, voor de film wacht ik wel tot die op TV komt 😉
Jan Smets schreef met Theater een onderhoudend boek. Omdat het zich afspeelt in Gent en Sint-Martens-Latem spreken de locaties net iets meer tot de verbeelding omdat je ze gewoon letterlijk kent 🙂

 


Gewandeld

In de Ardennen (Wéris, bij Durbuy) waar we van familiebezoek deden, maar ook in la douce France (zie verder).


Gekeken

Er valt altijd wel iets te zien voor wie bewust kijkt.


Getuinierd (en geoogst)

Zowel in onze eigen tuin als in die van mijn vader (uiteraard). De eerste tomaten uit de serre werden met veel genoegen geplukt, rood glanzend gerijpt aan de plant, wat ze extra lekker maakt.

Van de reukerwtjes en cosmea werden al de eerste zaden geoogst, de zinnia’s bloeien uitbundig.


Gekookt

De verse tomaten werden al verwerkt in lekkere en eenvoudige gerechtjes.
Een heerlijke tomate crevettes met ovengegaarde krieltjes.

en een comforting tomaten-aardappelschotel, ideaal om op een regenachtige dag toch wat extra warmte en zomer op het bord te toveren.


Gebakken

Maya testte een nieuw receptje uit voor een chocoladetaart want er was een jarige in huis. Ik maakte een frangipanetaart met een twist omdat de diepvries bij opa ruimte moest krijgen en ik met bladerdeeg, abrikozenjam en rood fruit naar huis kwam.


Gereisd
(en daarover moet nog geblogd worden de komende weken/maanden)

Onze zomervakantie speelde zich andermaal af bij de zuiderburen. Met een tussenstop in Clermont-Ferrand trokken we naar Narbonne waar we de omgeving verkenden en bij onze terugkeer hielden we ‘naar goede gewoonte’ nog even halt in de Loirestreek, deze keer voor een bezoekje aan Tours en vooral aan het kasteel en de tuinen van Villandry. Maar meer hierover later. Het zal wel weer wat tijd vragen om de vele foto’s te screenen, te selecteren en te voorzien van tekst en uitleg, maar uiteindelijk zullen de verslagjes wel opnieuw een mooie samenvatting (en herbeleving) vormen van onze reis en dus maak ik ze nog steeds met plezier al moet ik mezelf soms wel eens in gang duwen 😉

Waar was ik zoal mee bezig

Door de (lange en verlengde) examenperiode bleef de sociale kalender hier leeg, maar dat wil niet zeggen dat ik mij niet kon bezighouden. Ik maakte nog eens een overzichtje (dat met vertraging online kwam):

Gelezen

Nog enkele spannende boeken, de ene al iets beter dan de ander, ideaal voor korte en soms iets langere leespauzes in de zon op ons terras.

   

Gewandeld

Op mooie dagen kom ik graag meer buiten en dus werd er nog wat gewandeld in eigen streek en genoten van de mooie omgeving. En een ijskoffiestop onderweg dat is ook fijn meegenomen natuurlijk.

Gekeken

Wie wandelt en bewust kijkt, ziet altijd meer, zoals de zes houten ganzenbeeldjes voor het raam van deze woning of de rode stokrozen in de stationsbuurt.

Getuinierd

Vooral bij mijn vader, maar ook een beetje thuis aangezien ik een reeks tomatenplanten adopteerde waarvoor hij geen plaats meer had (en die ietwat onverwacht toch nog een groeischeut hadden gekregen waardoor ik het zonde vond om ze op de composthoop te gooien). Welke soorten het zijn, daar heb ik het raden naar, maar ik voel niet de behoefte om een nauwgezette boekhouding bij te houden van wat er groeit/bloeit in de tuin, ik laat me met plezier verrassen wat dat betreft.

Gekookt
Nu ja, veel ontbijttrays en tussendoortjes gemaakt en croques i.p.v. boterhamlunch omdat dat nog net iets beter smaakte (en ook omdat brood door de warmte sneller uitdroogde).

Getest (en goedgekeurd)

Deze mueslirepen vielen heel hard in de smaak en ze zijn trouwens extra lekker wanneer je ze in de koelkast bewaard.

Gefietst

Wanneer het iets te heet is om te wandelen, dan halen we de fiets uit om de omgeving te verkennen en wat verkoeling te zoeken. We reden richting Deinze en hielden halt aan het pittoreske Astene Sas waar de Franse chansons vrolijk uit de speakers schalden. Ze houden daar trouwens van wat humor, tot in het toilet 😉

 

Maar intussen is ook hier eindelijk vakantiemodus voor Maya (en voor mij bijna) en proberen we daar dubbel en dik van te genieten. W zijn allebei nog steeds een stuk vermoeid door de voorbije periode en alles loopt nu een beetje trager, maar dat is oké (trouwens meer lid van team JOMO dan team FOMO tegenwoordig).

Zijn jullie al in vakantiemodus en hoe is dat dan?

Giverny

Een bezoek aan Giverny stond al lang op mijn verlanglijstje en dat bleek prima inpasbaar bij onze trip naar Versailles 🙂

Het Normandische dorp Giverny werd een van de hoogtepunten van het  impressionisme dankzij Claude Monet, die er zijn reeks waterlelies schilderde en zo Giverny over de hele wereld bekend maakte. Om wachtrijen aan de kassa te vermijden, wordt aangeraden om vooraf een ticket te kopen voor een bezoek aan het huis. Maar vooraf is relatief, want wie een bezoekje brengt aan het MusĂ©e des Impressionnismes (in dezelfde straat als het huis en de tuin van Monet) kan daar gewoon een duoticket kopen en dat leek ons een heel handige oplossing om ons nog niet te moeten vastpinnen op een dag of een uur van bezoek. Vervolgens gewoon even letten op de juiste ingang: je hebt er een voor groepen en een voor zij die nog geen ticket kochten, maar dus ook eentje voor individuen die al een ticket vooraf kochten, wat verborgen in een steegje, maar er staat een bordje dat je de weg toont 😉

Claude Monet vestigde zich in 1883 in Giverny. Het dorp trok al snel een kring van Amerikaanse schilders aan die graag impressionistische principes wilden toepassen op de Normandische landschappen. Een eeuw later, in 1992, bracht een Amerikaanse zakenman en groot verzamelaar, deze werken terug naar de plaats van hun creatie en huldigde hij het Museum of American Art in Giverny in. In 2009 werd dit museum het Musée des Impressionnismes Giverny. Het is gewijd aan de geschiedenis van het impressionisme, in het bijzonder van Giverny, en de internationale verspreiding ervan.

Het museum is open van april tot oktober. Ook de museumtuin is mooi ingericht en op het bankje tussen de hoge grassen en klaprozen voelden we ons als het ware figuranten in een schilderij dat van Monet had kunnen zijn 😉

Alle praktische info lees je op de officiële website: https://www.mdig.fr/

Het huis en de tuin van Monet worden beheerd door de Fondation Monet. Vele restauratiewerkzaamheden en tal van tuiniers hebben het huis en de tuin van de schilder omgetoverd tot een bijzondere plek, waar jaarlijks 500.000 bezoekers op afkomen. Het is trouwens de meest bezochte site in Normandië, na de Mont Saint-Michel.
Wat ooit een verlaten woning was, werd door Monet veranderd in een waar meesterwerk. Hij voelde zich thuis in Giverny en woonde er 43 jaar van zijn leven, samen met zijn echtgenote(s) en zijn acht kinderen, tot aan zijn dood in 1926.

Charmant en romantisch. Zo kun je het huis van Claude Monet wel omschrijven. Met veel roze pleisterwerk, omringd door bloemen en bomen. Buiten, langs de rechte paden en onder de metalen bogen, bloeien de bloemen uitbundig in de tuin.

Op de begane grond vind je het atelier, de blauwe kamer, de eetkamer en de keuken. Binnen zijn zoveel mogelijk oude elementen behouden. In het atelier, de blauwe kamer (die gebruikt werd als leeskamer) en de keuken hangen tal van gereconstrueerde werken van Monet (de originelen hangen in musea of maken deel uit van private collecties).

In de eetkamer met de gele muren hangt een prachtige collectie Japanse schilderijen die Monet verzamelde, waaronder grote namen als Katsushika Hokusai.

Op de eerste verdieping kom je eerst in de slaapkamer van Claude Monet zelf, met reproducties van schilderijen van andere impressionistische kunstenaars uit zijn tijd. De andere kamers behoorden toe aan zijn tweede vrouw Alice Hoschedé en haar dochter, Blanche Hoschedé, die een student was van Monet en ook de vrouw van zijn zoon. In 2014 werd de kamer van Blanche gerestaureerd en opnieuw ingericht, zo dicht mogelijk bij de oorspronkelijke staat, met verschillende bloementapijten en grenenhouten meubels.

In de loop der jaren verwierf Monet een stuk land aan de overkant van de straat waar hij zijn Clos-Normand creëerde. Hij maakte van het terrein een heuse watertuin waarin hij een arm van de plaatselijk rivier afleidde. De grote watertuin staat vol met treurwilgen en bloemen.

Monet had een passie voor tuinieren, ook de waterlelies kweekte hij zelf! Hij verzorgde zijn tuin helemaal zelf en deed dit natuurlijk vanuit zijn kunstenaarsoog. De tuin is dan ook een klein paradijs vol kleur en licht. Zijn liefde voor Japan komt ook in de tuin terug in de kleine groene brug, de pioenrozen en de bamboeplanten. Vandaag is er een tuinier die zich louter en alleen bezig houdt met het onderhoud en de verzorging van de waterlelies.

In januari 2022, tijdens de kerstvakantie, trokken we in uitgesteld relais naar Parijs en zagen we in het MusĂ©e de l’Orangerie de beroemde waterlelies (NymphĂ©as) van Monet. Een half jaar later liepen we in de tuin waar hij ze schilderde, in Giverny. Beide bezoeken vond ik zeer de moeite waard, maar vooral van het huis en de tuin zal ik nog lang nagenieten 😉

Meer (praktische) info over het huis en de tuin lees je op de officiële website:  http://fondation-monet.com/